Sinds 1 januari 2019 kunnen naasten van letselschadeslachtoffers aanspraak maken op affectieschade. U kunt al langere tijd aanspraak maken op shockschade. Maar kan iemand ook aanspraak maken op beide vergoedingen voor één noodlottig ongeval? Dat kan, oordeelt de rechtbank Zeeland West Brabant in een recente zaak.
Wanneer heeft u recht op affectieschade?
Stel dat uw partner een dwarslaesie oploopt door een verkeersongeval. Of dat uw kind overlijdt door een hondenbeet. Dan is uw leven in één klap voorgoed veranderd. De pijn en het verdriet dat u ervaart, is amper te verwoorden. Voor dit immense leed kunt u sinds dit jaar affectieschade claimen. Daar zitten uiteraard wel regels aan verbonden. U kunt bijvoorbeeld alleen aanspraak maken op affectieschade als:
- Partner
- Ouder
- Kind
- Pleegouder
- Grootouder als u de zorg draagt voor een kleinkind dat bij u inwoont
- U een andere zeer nauwe band met het letselschadeslachtoffer heeft
Op 4 juli 2019 werd in een rechtszaak voor het eerst affectieschade toegekend. Een 70-jarige vrouw kwam op 1 maart om het leven door een roekeloze inhaalactie. Meerdere levens werden daardoor aangetast. De 26-jarige dader reed bovendien door. Wat een misdrijf is. Haar zoon en dochter claimden met succes affectieschade voor het dodelijke ongeval. Beide kinderen zijn meerderjarig en wonen niet meer thuis. De vergoeding die hierbij hoort op grond van de Wet Affectieschade bedraagt € 17.500. Dit bedrag werd aan beide kinderen toegewezen.
Wanneer heeft u recht op shockschade?
Stel dat u ziet dat uw kind wordt doodgereden. Of dat u na de gebeurtenis wordt geconfronteerd met de bloedsporen op de grond. Dan bent u voor het leven getekend. U kunt daardoor in shock raken en psychische schade oplopen. U heeft dan recht op shockschadevergoeding.
Op 22 januari 2002 werd in een rechtszaak voor het eerst shockschade toegekend. Een 5-jarig meisje werd op een woonerf doodgereden door een achteruit rijdend taxibusje. De moeder van het meisje werd door een buurvrouw gewaarschuwd. De schedelinhoud van het meisje lag op de grond. Maar de moeder zag dit in eerste instantie voor braaksel aan. Ze heeft geprobeerd om het hoofd van haar dochter om te draaien. Tot haar ontsteltenis verdween haar hand in de opengebarsten schedel. De moeder heeft hier zwaar psychisch letsel door opgelopen: een ernstig depressie en posttraumatische stressstoornis.
De Hoge Raad heeft door deze zaak de criteria voor shockschade bepaald:
- De eiser moet het dodelijke ongeval met eigen ogen zien gebeuren. Of de noodlottige gevolgen van het ongeval hebben gezien.
- De eiser heeft door de hevige shock een erkend psychische ziektebeeld opgelopen.
Veel situaties vallen niet onder shockschade. Terwijl de emotionele schade alsnog een verwoestend effect kan hebben. Na vele discussies is daardoor de Wet Affectieschade ontstaan.
Primeur: affectieschade en shockschade voor nabestaanden
Kan iemand affectieschade én shockschade claimen voor één verwoestend ongeval? Tot voor kort was daar nog geen duidelijkheid over. Daar is echter verandering in gekomen. Twee nabestaanden kregen onlangs affectieschade en shockschade toegewezen door de rechtbank Zeeland West Brabant.
Een 64-jarige vrouw werd door haar 28-jarige zoon doodgeslagen en geschopt. De zoon leed aan paranoïde wanen. Hij dacht dat zijn moeder een voodoopop gebruikte om hem pijn te doen en te manipuleren. Dat dreef hem om naar het huis van zijn moeder te gaan. Daar aangekomen heeft hij zich met geweld naar binnen weten te dringen. Hij heeft toen om de voodoopop gevraagd. Daarna heeft hij zijn moeder bewusteloos geslagen, naar buiten gesleurd en geschopt.
Haar dochter en een andere zoon waren niet in de woning aanwezig. Toch kregen ze beiden affectieschade en shockschade toegewezen:
- Affectieschade omdat hun moeder door een misdrijf om het leven is gekomen. Zowel de zoon als dochter kregen € 17.500 toegewezen.
- Shockschade omdat beiden werden geconfronteerd met de gruwelijke gevolgen van de moord. Beiden hebben het levenloze lichaam van hun moeder gezien. Maar ook de vele bloedsporen in en rondom de woning van het slachtoffer. De zoon liep hierdoor een zeer ernstige depressieve stoornis op. De dochter liep hierdoor een posttraumatische stressstoornis en depressieve stoornis op. Beiden kregen € 25.000 toegewezen.
De schoondochter heeft alleen de vele bloedsporen in en rondom de woning gezien. Ze liep daardoor een depressieve stoornis op. Daarnaast heeft ze last van flashbacks. De rechter oordeelde dat er ook in dit geval sprake is van shockschade.
Geen terugwerkende kracht
Had de Wet Affectieschade in 2002 al bestaan? Dan had de moeder van het 5-jarige meisje ook recht gehad op affectieschade. Voor de pijn en het verdriet van het verliezen van haar dochter. De Wet Affectieschade werkt niet met terugwerkende kracht. Het recht op affectieschade geldt alleen voor ongevallen die na 1 januari 2019 hebben plaatsgevonden.
Recht op affectieschade en shockschade
Dat er affectieschade en shockschade aan nabestaanden is toegekend, is een primeur. Waarnaar in latere letselschadezaken verwezen kan worden. Want wat nu duidelijk is, is dat u na een noodlottig ongeval van een naaste recht kan hebben op affectieschade en shockschade. Affectieschade voor het leed dat u ervaart doordat een van uw geliefden ernstig gewond raakt of overlijdt door het toedoen van een ander. Shockschade als u direct wordt geconfronteerd met de heftige gevolgen van het ongeval en u daardoor psychisch letsel oploopt.
Laat u bij het claimen van schadevergoeding altijd bijstaan door een ervaren jurist.
Wilt u dit artikel delen?