Fietsen zonder licht of zonder richting aan te geven, bumperkleven in de auto, te hard rijden, bellen of appen onder het rijden, door rood rijden: ze staan allemaal in de Top 10 van zaken die Nederlanders in het verkeer het meest onveilige gevoel bezorgen. En hoewel bijna negen op de tien Nederlanders zeggen het belangrijk te vinden om zich aan de verkeersregels te houden, daalt het aantal dat dit ook daadwerkelijk zegt te doen van 67 naar 63 procent.
Dit blijkt uit de jaarlijkse Flitspeiling van Veilig Verkeer Nederland. Daarbij worden elk jaar zevenduizend mensen gevraagd naar hun ervaringen op de weg. Het veiligheidsgevoel in het verkeer wordt al op deze manier onderzocht sinds 2016. Het huidige onderzoek is een herhaalonderzoek om te kijken hoe het er anno 2024 voor staat met het veiligheidsgevoel in Nederland en om dit te vergelijken met de jaren ervoor. VVN gebruikt de resultaten van dit onderzoek bij het bepalen van haar prioriteiten.
De nieuwste peiling van dit jaar brengt een aantal opvallende ontwikkelingen aan het licht. De auto is nog altijd het meest gebruikte vervoersmiddel, 81 procent gebruikt deze vorm van vervoer regelmatig. Het aantal regelmatige gebruikers van de e-bike steeg naar 35 procent. Het aantal mensen dat regelmatig fietst (op een fiets zonder trapondersteuning) is licht afgenomen ten opzichte van vorig jaar. Het gevoel van veiligheid veranderde niet: driekwart van de Nederlanders voelt zich (redelijk) veilig in het verkeer. Ook de eigen buurt ervaren Nederlanders als (verkeers-)veilig: zeven op de tien voelen zich veilig in het buurtverkeer. Toch neemt 37 procent van de Nederlanders in hun buurt wel eens een andere route dan gepland vanwege de veiligheid.

Top 10
Uit de door VVN opgestelde Top 10 van zaken die het meest onveilige gevoel geven op straat en onderweg, staan fietsers zonder licht en automobilisten die bumperkleven of (te) hard rijden weer bovenaan. In voorgaande jaren was dat ook al zo. 70+’ers krijgen vaker dan gemiddeld een onveiliger gevoel van fietsers zonder licht en fietsers die geen richting aangeven. In het buurtverkeer zijn te hard rijdende auto’s wederom de grootste veroorzaker van een onveilig gevoel. Te hard rijdende scooters worden bovendien vaker genoemd dan vorig jaar en staan nu op de tweede plek.
Het gebruik van smartphones in het verkeer blijft een probleem: ruim drie op de tien automobilisten gebruiken hun telefoon achter het stuur, met name bestuurders onder de 40 jaar (47 procent). Ook op de fiets blijft smartphonegebruik hoog, vooral onder jongvolwassenen (57 procent).
De bereidheid om zich aan snelheidslimieten te houden blijft groot in schoolomgevingen (93 procent), maar neemt af op andere wegen. Daarnaast neemt de betrokkenheid bij verkeersveiligheid in de buurt af. Eén op de vijf mensen (19 procent) heeft daadwerkelijk actie ondernomen om de verkeersveiligheid in de buurt te verbeteren. Dit aandeel daalt elk jaar weer verder: in 2020 was dit nog 24 procent. Veilig Verkeer Nederland benadrukt dat bewuster gedrag noodzakelijk is om de veiligheid voor alle weggebruikers te verbeteren. “Verkeersveiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid. Het begint bij het nemen van je eigen verantwoordelijkheid, maar het vraagt ook om duidelijke regels en betrokkenheid van iedereen in de samenleving”, aldus Evert-Jan Hulshof, directeur van Veilig Verkeer Nederland.
Fatbikes
De resultaten van de flitspeiling laten ook zien dat er brede steun is voor strengere regelgeving rondom fatbikes en andere e-bikes. Negen op de tien Nederlanders vinden dat er een minimumleeftijd moet worden ingevoerd voor het gebruik van fatbikes en ruim acht op de tien pleiten voor een helmplicht. Deze brede steun weerspiegelt de groeiende zorgen over verkeersveiligheid en de toenemende diversiteit aan voertuigen op fietspaden en in het overige verkeer.
Ten tijde van het onderzoek had 2 procent van de 18-plussers een fatbike, waarbij het bezit het hoogst is onder jongvolwassenen van 18-30 jaar (7 procent). Onder deze groep wordt de fatbike vaak gezien als een praktisch en betaalbaar alternatief voor auto’s, brommers of e-bikes. 45 procent van de bezitters geeft aan de fatbike te gebruiken in plaats van een autorit en 38 procent vervangt er een fietsrit mee.
Acht op de tien Nederlanders vinden de fatbike een gevaarlijk vervoermiddel, een mening die óók onder jongvolwassenen (18-30 jaar) breed gedragen wordt: driekwart beschouwt de fatbike als risicovol. De meeste zorgen richten zich op het gebruik van fatbikes op fietspaden, waar de voertuigen vaak voor chaos en gevaarlijke situaties zorgen. De roep om strengere regels is dan ook groot. Ruim negen op de tien Nederlanders vinden dat er een minimumleeftijd moet worden ingevoerd voor het gebruik van fatbikes. Daarnaast is 83 procent voorstander van een helmplicht, terwijl ook 90 procent van de jongvolwassenen (18-30 jaar) een minimumleeftijd steunt en 72 procent van deze groep voor een helmplicht pleit.
“De uitkomsten van onze flitspeiling laten zien dat de maatschappelijke steun voor regelgeving rondom fatbikes en andere licht elektrische voertuigen op het fietspad stevig is,” zegt directeur Hulshof van VVN. “Dit onderstreept de urgentie om duidelijke regels voor deze voertuigen te stellen die de verkeersveiligheid verbeteren. De fatbike biedt voordelen als duurzaam vervoermiddel, maar veiligheid in het verkeer moet meer prioriteit krijgen. Wij pleiten daarom voor een landelijke helmplicht en een minimumleeftijd van 16 jaar voor fatbikes. Bovendien blijft de handhaving op snelheid en opgevoerde voertuigen van groot belang.”
Wilt u dit artikel delen?