Hij stond voor de opgave om midden in de coronatijd, herfst 2020, een heel nieuw kantoor van letselschadebureau JBL&G op te zetten in Rotterdam, toentertijd de vierde vestiging. Een kolfje naar de hand van mr. Frans Overkleeft (1974), geboren Rotterdammer, en ook toen al vele jaren werkzaam in de branche. Inmiddels draait JBL&G Rotterdam als een tierelier, steeg de bezetting van drie naar zeven man personeel, en is regiomanager en teamleider Overkleeft trots als een pauw op ‘zijn’ cluppie in de Maasstad.

Regiomanager, teamleider en letselschadejurist Frans Overkleeft bij de ingang van JBL&G Rotterdam.

Het kende een wat vreemd begin in rare jaren, maar ruim anderhalf jaar na de start kon de vestiging Rotterdam van JBL&G afgelopen zomer eindelijk officieel worden geopend. Ondanks de beperkingen tijdens de coronacrisis – nauwelijks huisbezoeken of bezoeken aan kantoor – slaagde het kantoor in Rotterdam er toch al in de bezetting sindsdien ruim te verdubbelen: van drie naar zeven man juridisch personeel. En de groei zit er nog in. Frans Overkleeft: “Ondanks die rare start midden in de coronatijd hebben we hier toch al heel veel mensen kunnen helpen, en weten de cliënten ons al goed te vinden.”

Zijn eigen pad naar de letselschadebranche was eerst wat minder duidelijk. “Ik ben begonnen met een studie Bedrijfskunde, dat was toen net een nieuwe studie, en dat sprak me wel aan. Maar het bleek vrij massaal, heel algemeen en vrij abstract te zijn. Tussentijds ben ik overgestapt naar Rechten. Wat me daar in aansprak, was dat het veel praktischer was, het lééfde gelijk heel erg. Of je nou Belastingrecht deed of Handelsrecht, het sprak bij mij meteen tot de verbeelding. Ik was direct ook al geboeid door het aansprakelijkheidsrecht, en daar heb ik toen ook mijn vakken wel een beetje op uitgezocht. Mijn scriptie heb ik indertijd over No Cure, No Pay geschreven, toen een heel actueel thema en een hot onderwerp van gesprek. Er liep toen een pilot, waar iedereen in het vak eigenlijk wel een mening over had. Inmiddels is die pilot alweer twee keer herhaald.”

Binnen drie weken verkocht

“Toen ik eenmaal mijn papiertje had, ben ik gaan solliciteren, en kwam ik bij SRK Rechtsbijstand terecht. In eerste instantie solliciteerde ik naar een functie op de afdeling Contracten. Hier hield men zich ook bezig met het aansprakelijkheidsrecht, maar meer van het kaliber: iemand koopt een keuken, die voldoet niet, en daar moet jij dan mee aan de slag om dat te fiksen. Gelukkig bleek er ook een plek op de afdeling Letsel te zijn, waar ik tijdens mijn sollicitatie voor uitgenodigd ben, en die kans heb ik met beide handen gegrepen. Blijkbaar zag men daar al dat dit beter bij mij past, want  binnen drie weken was ik verkocht. Ik was er meteen al zo enthousiast over, dat ik toen al dacht dat ik er best de rest van mijn carrière aan zou willen wijden. Dat was echt meteen helemaal Bingo. En dat is sindsdien niet meer veranderd! Zo ben ik dus de letselschade ingerold, om die nooit meer te verlaten.”

Na negen jaar SRK werd het toch tijd voor iets anders. “Bij een rechtsbijstandsverzekeraar kan de kwaliteit van de dienstverlening nogal eens onder druk komen te staan. Ik had daar iets van 180 dossiers op een gegeven moment; dat is zo’n beetje het dubbele van wat wij hier draaien. Dus je kunt je voorstellen dat je dan toch keuzes moet maken. Dat kun je wel een tijdje doen, maar ik werd daar niet vrolijk van.”

Er volgde eind 2013 een overstap naar Korevaar Van Dijk Letselschade, tegenwoordig onderdeel van Flyct. “Wat me daarin aansprak, was dat het destijds een van de toonaangevende letselschadekantoren was, dat vooral bekend stond om zijn innovatieve karakter. Ze liepen altijd voorop bij bepaalde ontwikkelingen, kwaliteit stond hoog in het vaandel, en dat had ik wel een beetje gemist. Het bureau was enorm succesvol, en dat bleef natuurlijk niet onopgemerkt: het werd gekocht door Van Ameyde, en werd daarna samen met Europrotector samengevoegd onder de naam Flyct. Zo zijn ze ook marktleider geworden. Ik ben er drie jaar letselschade-expert geweest, en toen viel er een interessante functie vrij binnen het management, Team Middelzwaar Letsel. Omdat ik het ook daarvoor al leuk vond om mensen te begeleiden, jonge mensen naar een hoger niveau te brengen, ben ik manager geworden. Ik hoopte ook de identiteit van Korevaar Van Dijk nog wat te kunnen bewaren binnen Flyct, maar dat bleek helaas een onmogelijke opgave. Ik had op het laatst ook bijna dertig man onder me, deed ook nog mijn eigen dossiers naast mijn werkzaamheden als manager, dat was eigenlijk een beetje te veel van het goede.”

Ideale combinatie

“Toen JBL&G in 2020 een vestiging ging openen op fietsafstand, in mijn eigen Rotterdam, vond ik dat wel weer een mooie, nieuwe uitdaging. Het opzetten van een geheel nieuw kantoor paste me goed. Het leuke is dat JBL&G nog steeds een vrij jonge organisatie is, met erg veel ondernemerszin; een club die echt ergens voor gaat en de nadruk op de juiste zaken weet te leggen. De combinatie van een nieuw kantoor opzetten, medewerkers coachen en begeleiden, en zelf zaken blijven behandelen zoals ik ook al deed, was en is echt ideaal.”

Overkleeft ziet nog volop ‘potentie’ in Groot-Rotterdam, al klinkt dat in de letselschadebranche natuurlijk altijd wat navrant. “De regio kent heel veel zware industrie, de havens, veel snelwegen, N-weggetjes in Brabant, veel files, veel zware voertuigen. Bedrijfs- en verkeersongevallen liggen overal op de loer, zeg maar, en áls het dan een keer misgaat, dan gaat het vaak ook goed mis. Ik behandel graag zware zaken, daarin kun je echt het verschil maken. De uitdagingen in dat soort zaken, daar haal ik nu juist de meeste motivatie uit. Kijk, als je net iemand hebt gesproken met een partiële dwarslaesie, en daarna komt er iemand met letsel van een heel andere orde, is dat soms lastig schakelen. Juist omdat dat lichtere letsel voor dat slachtoffer ook enorm vervelend kan zijn. Daarom wil en kun je je dat letsel als professional ook nooit bagatelliseren, maar het belang is wezenlijk anders en je moet de motivatie dan wel ergens anders vandaan halen. Dat contrast maakt het soms lastig, maar we doen voor iedereen ons uiterste best, dat spreekt voor zich.”

“Je bent sowieso altijd bezig mensen écht te helpen. De impact van een ongeval kan best heftig zijn, zonder dat je dit ook mee naar huis neemt, want je maakt altijd deel uit van de oplossing. Wat mij persoonlijk nog het meest geraakt heeft en waar ik echt even van ontdaan was, was een cliënt met heel zwaar letsel, die echt heeft moeten vechten om er weer bovenop te komen, en voor wie wij ook alles uit de kast hebben gehaald om het herstel zo goed mogelijk te faciliteren. Toen hij zijn leven, weliswaar met de nodige aanpassingen, eindelijk weer enigszins op de rit had, hebben we een mooie eindregeling weten te treffen. Maar de inkt daarvan was nog niet droog, of hij bleek zware kanker te hebben, en was binnen drie maanden weg. Had-ie zó zijn best gedaan om weer wat kwaliteit van leven te krijgen, en dan dit! Dat deed me echt wat.”

Whiplash, de eeuwige strijd

In bijna twintig jaar letselschade heeft Overkleeft een boel zien veranderen en verbeteren, maar één groot onbehagen blijft: “Teleurstellend is dat er nog steeds zo krampachtig wordt gedaan over de whiplashproblematiek die wij veel zien na achterop-aanrijdingen. Dat we er als branche nog steeds niet echt in geslaagd zijn om daar samen met de verzekeraars wat beter en vooral slachtoffervriendelijker mee om te gaan. Men verschuilt zich daarvoor nog steeds te veel achter medische adviezen, veelal gebaseerd op willekeurige aannames en algemene statistieken, waardoor het strijdmodel nog steeds veelvuldig gehanteerd wordt, in plaats van samen te werken aan een maatwerkoplossing. Want goede letselschadebehandeling is maatwerk!”

“Zolang men niet echt luistert naar het slachtoffer vervalt men steevast in hetzelfde vaste stramien, hetzelfde riedeltje en dansje: ‘Mijn medisch adviseur kan de klachten niet (meer) aan het ongeval relateren’ of: ‘mijn adviseur geeft aan dat er slechts een beperkte periode (hooguit een aantal weken of maanden) aan klachten kan worden aangenomen bij gebrek aan objectiveerbare klachten’ en dan vervolgens: ‘U dient aan te tonen dat de aanhoudende klachten (nog steeds) het gevolg van het ongeval zijn’. Boude, ongefundeerde beweringen die veelal in tegenspraak zijn met de werkelijke situatie en slachtoffers het gevoel geven dat zij niet serieus genomen worden en zich continu moeten verantwoorden.”

“Terwijl we met elkaar inmiddels heel goed weten dat zo’n opstelling van verzekeraars juist tegendraads werkt, het werkt alleen maar herstelvertragend en -belemmerend als iemand zich niet gehoord voelt. Uiteindelijk hebben de verzekeraars zichzelf er dus alleen maar mee, maar toch blijft het nog veel te vaak de gekozen aanpak, zeker nu de werkdruk bij verzekeraars weer flink toeneemt. Tegen beter weten in kiest men dan helaas, zo blijkt, toch eerder voor de makkelijke, kortzichtige weg, in plaats van zich echt in de casus te verdiepen. Zo komen we als branche maar niet tot een redelijke en doeltreffende aanpak, zonder onnodige discussies en bijkomend leed voor het slachtoffer.”

“Bovenstaande doet niets af aan de opdracht die wij als belangenbehartigers hebben om één en ander voldoende duidelijk te maken om met succes schade te kunnen vorderen. Maar als het herstel tegenvalt, zou het volkomen normaal moeten zijn dat wij dan in goed overleg de psychosociale omstandigheden in kaart brengen die in dat specifieke geval een negatieve invloed hebben op het herstel, en een plan van aanpak opstellen om deze elementen te neutraliseren. Ontzorgen in plaats van frustreren. Dat dit nog steeds niet de standaard is, ervaar ik wel als teleurstellend. Ik zou het graag nog meemaken dat het herstelgericht behandelen van dit soort zaken echt de norm wordt.”

Kantoor Rotterdam

De groei van drie naar zeven juristen en juridisch medewerkers was een toename die al voorzien was; in totaal is er plek voor zo’n tien man in Rotterdam. “We zijn hier in Rotterdam nu ruim twee jaar bezig, en we zijn niet alleen in aantal flink vermeerderd. We zijn ook in onze ontwikkeling als team echt gegroeid, we voelen elkaar hartstikke goed aan, hebben heel veel van elkaar geleerd, en we hebben inmiddels al heel veel zaken tot een goed einde weten te brengen. Onze reviewscore is dan ook niet voor niets 5 van de 5; echt wel iets om trots op te zijn.”

JBL&G Rotterdam is gehuisvest in het Business Center Rotterdam aan de Vareseweg 41. Het was het vierde kantoor van het in 2011 opgerichte Juridisch Bureau Letselschade & Gezondheidsrecht, inmiddels uitgegroeid tot een van de grootste letselschadebureaus van Nederland, met filialen in Amsterdam, Groningen, Deventer, Rotterdam en Den Haag.

Auteur: Ron Hooijenga, communicatieadviseur JBL&G.

Terug naar boven

Wilt u dit artikel delen?