Weet u altijd feilloos wie er voorrang heeft, als de weg waarop u rijdt met een kleine verhoging uitkomt op een andere weg? Waarschijnlijk hebt u te maken met een uitritconstructie, waardoor u iedereen die u kruist voorrang moet verlenen, tot voetgangers aan toe. Soms is dat volstrekt onduidelijk, of kennen mensen eenvoudigweg de regels niet. Acteur Aart Staartjes verongelukte vorige winter terwijl hij met zijn brommobiel uit een uitrit de weg opreed en een auto met voorrang hem niet kon ontwijken. Elk letselschadebureau heeft wel cliënten die het slachtoffer zijn geworden van onduidelijke voorrangsituaties rond uitritten. De ANWB pleit al vele jaren voor haaientanden, maar tevergeefs. JBL&G maakt de stand van zaken op.

Ook in een drukke stad gaat voorrang nemen en krijgen doorgaans redelijk organisch en vloeiend, maar niet altijd. Plaatsen waar het vroeg of laat een keer misgaat, zijn de vele tientallen uitritconstructies die de afgelopen decennia overal zijn aangelegd. Wie uit zo’n uitrit komt moet iedereen voorrang geven, maar de herkenbaarheid is vaak ver te zoeken, veel mensen hebben gevaarlijk genoeg helemaal geen weet van de voorrangsregels op zo’n uitrit, en voor buitenlanders valt er al helemaal geen touw aan vast te knopen.

Veel mensen zullen niet eens weten wat een uitritconstructie eigenlijk is, al komen ze er dagelijks over. En dat betekent nogal wat: volgens de verkeersregels in Nederland moet iedereen die een uitrit verlaat al het kruisende verkeer voorrang verlenen, zelfs voetgangers. Op zo’n uitritconstructie ben je als fietser of automobilist op het voetpad ‘te gast’. De makke in veel steden is, dat je het ene moment als fietser wordt beschermd door zo’n constructie, terwijl je bij een volgende zijstraat juist zelf weer vol op de rem moet om iedereen voorrang te verlenen.

Criteria uitritconstructies

Een uitrit wordt gekenmerkt door de bestemming of de constructie ervan. Bij een zichtbaar beperkte bestemming, bijvoorbeeld de uitgang van een garagebox, een boerderij of een benzinestation, is vaak meteen duidelijk dat het een uitrit is. Er zijn echter ook genoeg drukke winkelstraten, verkeersaders en fietsknooppunten die doodleuk met een uitritconstructie uitkomen op even zo drukke kruisingen, pleinen en andere straten. Daar moet dus door de uitvoering van de uitrit voor iedereen meteen duidelijk zijn wie er voorrang heeft en wie niet, maar dat blijkt nogal eens lastig.

Een uitritconstructie heeft:

  • Een verhoogd, doorlopend trottoir langs de doorgaande weg, eventueel ook een doorlopend fietspad
  • Schuine inritblokken aan beide zijden van de uitrit
  • Geen bochtbanden

Als aan deze criteria wordt voldaan, mag van de weggebruikers worden verwacht dat zij de uitrit als zodanig herkennen en zich overeenkomstig gedragen, zo staat in de wet. De praktijk is weerbarstiger: uitritten zijn er in honderden varianten en vermommingen. Op de website van de ANWB en andere verkeersclubs wordt nog steeds regelmatig gevraagd naar en gediscussieerd over de status van een uitrit. Letselschadebureaus hebben vrijwel allemaal wel cliënten die het slachtoffer van een onduidelijke uitritconstructie zijn geworden, vrijwel wekelijks gebeuren er ongelukken rond een uitrit, en ook rechters buigen zich al decennialang met enige regelmaat over aanrijdingen en conflicten die met uitritten te maken hebben. Afgelopen winter nog verongelukte acteur Aart Staartjes nadat hij met zijn brommobiel uit een uitrit kwam en werd aangereden door een auto die voorrang had.

Uitritconstructies En Voorrang Al Decennia Een Heikel Verbond

“Uitritconstructie in Amsterdam: Schuine inritblokken: check. Doorlopend fietspad: check. Doorlopend trottoir, helaas: “Zijn er toch weer straatklinkers gebruikt waar dat trottoirtegels moeten zijn.”

ANWB: haaientanden!

De ANWB pleitte al in 2007 sterk voor het aanbrengen van haaientanden bij alle uitritconstructies, om elke onduidelijkheid over de voorrangsregels uit de weg te ruimen. Dat propageerde de bond na onderzoek onder 1800 Nederlanders. Acht op de tien van hen waren onzeker over het verlenen van voorrang bij het wegrijden van een uitrit. Met haaientanden zou die twijfel worden weggenomen. De ANWB stelde vast dat gemeenten er blijkbaar maar niet in slagen om uitritten zo aan te leggen, dat er geen enkele onduidelijkheid over de voorrangsregels kan bestaan. Voor het aanbrengen van uitritten zijn wel richtlijnen* opgesteld, maar haaientanden zijn daar niet in opgenomen. Voetgangers zouden door haaientanden overigens niet beschermd zijn, maar dat zijn ze op halfslachtige uitritconstructies evenmin. De ANWB: “Het aanbrengen van haaientanden is goedkoop en bevordert de duidelijkheid. Daar kiezen wij voor.” In 2012 herhaalde de bond haar oproep voor haaientanden bij elke uitrit, maar voegde daar nog het plaatsen van voorrangsborden aan toe. Juridisch zou er in de betreffende wettekst slechts één extra regeltje te hoeven worden opgenomen om te kunnen voorzien in haaientanden en voorrangsborden.

Anno 2020 zijn er alleen nog maar meer uitritconstructies bijgekomen, soms op gevaarlijke punten. Zo komen soms de drukste straten met een simpel uitritje uit op even drukke pleinen. Een andere straat die op dat plein uitkomt kan dan evengoed worden afgeschermd met dubbele rijen haaientanden, voorrangsborden en geleidelijnen, want de uniformiteit is altijd ver te zoeken. Zo zijn er vele punten met een heikel verbond tussen voorrang en uitritconstructies, maar haaientanden: ho maar.

Voorrang moet in één oogopslag duidelijk zijn

JBL&G sprak met verkeersdeskundige Stefan Westerman van de ANWB: “Sinds onze oproep in 2007 voor haaientanden bij elke uitrit, zijn er wel wat verschuivingen geweest. We moeten blijven uitgaan van de common sense, het gezond verstand: je zou willen dat elke weg in één oogopslag meteen voor iedereen zo duidelijk is, dat er geen verkeersborden of wat dan ook nodig zijn. Maar als het dan toch moet: een uitritconstructie telt steevast een aantal vaste onderdelen, en als één daarvan ontbreekt of fout wordt uitgevoerd, wordt het daardoor eigenlijk meteen weer een gewone kruising. Dat zie je dus in heel veel situaties. Zijn er bijvoorbeeld toch weer straatklinkers gebruikt waar dat trottoirtegels hadden moeten zijn. Voorrang is veel te belangrijk om dat van dit soort dingen af te laten hangen. Als je als fietser zeker meent te weten dat je voorrang hebt en een beetje doortastend bent, kan dat heel slecht aflopen als de voorrang toch niet zo geregeld is als je zelf dacht.”

“Vaak komen ze er pas in de uitvoering van het werk achter, als de stratenmaker al bezig is, dat bijvoorbeeld een bepaald element van de uitritconstructie daar net niet meer goed aansluit of zo, en dan passen ze het maar wat aan of doen iets anders. Wij vinden voorrang echter veel te belangrijk om maar in het midden te laten. Voorrang moet meteen overal duidelijk zijn. Een uitritconstructie moet altijd voldoen aan de richtlijnen, en als dat niet met de constructie van de uitrit lukt, zoals je nu in de praktijk vaak ziet, dan maar met haaientanden en voorrangsborden.”

“Buitenlanders moeten het ook moeilijk hebben met onze uitritconstructies, ik kan me voorstellen dat heel veel toeristen hier geen idee hebben wat ze ermee aan moeten, wie en wat ze wanneer voorrang moeten geven. Maar als je zelf naar het buitenland gaat, lees je eerst ook even de afwijkende verkeersregels door, toch? En eenmaal in dat land aangekomen, kijk je natuurlijk goed hoe de inwoners het zelf daar doen. Maar in het geval van toeristen op de fiets in Amsterdam zou ik dat niet aanraden: ga alsjeblieft geen gehaaide, doorgewinterde Amsterdamse fietser nadoen, want die fietst natuurlijk op zijn tijd ook weleens door rood, over de stoep en tegen de rijrichting in. Dus laat ze die maar niet als voorbeeld nemen! Maar het zou wel zinnig zijn toeristen er attent op te maken, al is het maar met een foldertje aan het stuur van hun huurfiets.”

Letselschadekantoor JBL&G heeft net als vrijwel alle andere kantoren diverse cliënten die zijn aangereden terwijl de tegenpartij uit een uitritconstructie kwam en dus voorrang had moeten verlenen. “Soms moet onze jurist ook zelf wel drie keer kijken voordat hij of zij de verkeerssituatie snapt bij zo’n ongeluk”, weet eigenaar Steffy Roos du Maine van JBL&G. “En dan hangt het vaak echt van het soort straatstenen af of iets een uitrit is of niet. Je moet natuurlijk eigenlijk in één oogopslag meteen kunnen zien waar het om gaat en wie er voorrang heeft, daarover is de ANWB het roerend met ons eens. Als dat niet zo is, breng dan alsjeblieft gewoon haaientanden aan. Kost weinig, is voor iedereen helder, en wel zo veilig! Sommigen vinden het verwarrend en onnodig, haaientanden bovenop een uitrit, maar ik voel me duizend keer beter beschermd door duidelijke haaientanden op de weg dan door een haast onzichtbaar drempeltje van een paar centimeter hoog met een onduidelijke status.”

Haaientanden en voorrangsborden bij onduidelijk uitritconstructies zouden veel onnodige ongevallen kunnen voorkomen.

17 miljoen deskundigen

Frans Heijnis, projectmanager verkeer en vervoer van het CROW, de instantie die alle richtlijnen voor de infrastructuur uitbrengt, was destijds medeauteur van de Richtlijn drempels, plateaus en uitritten: “Wij hebben de wijsheid natuurlijk niet in pacht, maar dit is een onderwerp waar zogenaamd iedereen verstand van heeft, met 17 miljoen deskundigen. De wegbeheerder wil met een uitritconstructie niet zozeer de voorrang regelen: hij wil niets anders dan ermee de hiërarchie in het wegennet duidelijk maken. Wie als automobilist een uitrit verlaat, verricht zoals dat heet een ‘bijzondere manoeuvre’, juridisch gezien, waarbij je al het kruisende verkeer voorrang moet verlenen, ook voetgangers. Het kan best zijn dat die kennis bij veel mensen wat is weggezakt. Die gaan dan misschien uit van het verwachtingspatroon dat als je van rechts komt, je bijna automatisch altijd voorrang hebt. Maar dat geldt dus niet als je zelf uit een uitrit komt. Het zou nuttig zijn die kennis over het verlaten van een uitrit weer wat naar voren te halen.”

“Maar het kan natuurlijk ook zo zijn dat een uitrit gewoon niet als zodanig wordt herkend door veel mensen. Dan heeft de wegbeheerder dus duidelijk een fout gemaakt en moet er iets aan gaan gebeuren. Kijk, dat mensen twijfelen of ze nu wel of geen voorrang hebben, is soms juist net goed: dan rijden ze misschien wat langzamer en stormen niet zomaar een straat over. Maar uitritconstructies zouden overal zo duidelijk herkenbaar moeten zijn dat daar geen twijfel over bestaat, ze zouden overal uniform moeten worden toegepast. Dát is immers juist de kracht van verkeersregels: dat je in heel Nederland hetzelfde kunt verwachten.”

*CROW: Richtlijn drempels, plateaus en uitritten.

Terug naar boven

Wilt u dit artikel delen?